Dirk week 20 / 2009
De laatste weken hebben we in Nederland en België te maken met goed weer om tomaten te telen: voldoende licht en nog geen hoge temperaturen, zodat we de plant kunnen wegzetten zoals we dat graag willen. De komende weken zal de plantbelasting nog wat kunnen oplopen. Blijf de afrijping daarom stimuleren door met voldoende snelheid te telen. Een vruchtgewicht van 125-130 gram
(6 vruchten/tros) is voor Dirk maximaal, anders telen we te langzaam en gaat de afrijping te traag.
De producties van Dirk liggen t/m week 19 rond de 10 kg/m2. De kwaliteit blijft ook bij aanwezigheid van pepinomozaïekvirus prima.
Temperaturen
Blijf bij krachtige gewassen (stengeldiameter van meer dan 11 mm) goed generatief sturen (CO2, d/n-verschil, etmaaltemperatuur) door op mooie dagen pas een uur na zon onder naar de voornacht van 15 graden te gaan gedurende 3-4 uur. Bij gewassen in balans gebeurt dit bij zon onder. Een voldoende generatieve gewasstand levert extra grofheid en productie.
Een goede etmaaltemperatuur voor Dirk is bij mooi weer 20,5-21 graden en bij donker weer 19,5 graden. Dit alles afhankelijk van de gewasstand; een krachtig gewas mag uiteraard meer temperatuur hebben met meer verschil tussen dag- en nachttemperatuur. Bij een krachtig gewas moet de middagtemperatuur altijd een periode (piek) 22 graden of meer zijn.
Probeer op warme zomerse dagen de etmaaltemperatuur te verlagen door de voornacht te verlengen. Bij een voornacht van een graad of 15 gaan we om uiterlijk 2.00 uur de temperatuur in 2-2,5 uur naar de nanacht van 17,5-18 graden brengen. Een voldoende hoge (actieve) nanacht voorkomt bladrandjes en lichte koppen. Het opstoken naar de ochtendtemperatuur is aan te raden met een minimumbuis van enkele uren 50 graden.
Wanneer de nanachttemperatuur voldoende hoog is geweest (17,5-18 graden) kunnen de buizen van een half uur voor zonop tot 2,5 uur na zonop begrensd worden. Hierdoor worden de ramen niet te ver opengestookt en dit voorkomt ook weer koude koppen en bladranden (in mei kan het ’s ochtends nog koud zijn; het ontstaan van bladranden is nog mogelijk). Als de zon eenmaal voldoende krachtig is, kan weer meer gelucht worden en kan er wat meer buis bij, indien nodig. Het is hierbij wel zaak om de plant op tijd actief te maken en met de luwe zijde kort op de stooklijn te luchten. Regel de p-band op de buitentemperatuur om te voorkomen dat er te snel te veel lucht in komt en dat de kas te snel te warm wordt.
TIP: Teel ook luchtig (voldoende hoog VD) om een sterke trossteel te maken. Een ochtenddip van 1 graad in temperatuur vanaf zon op kan ook helpen om sterkere trossen te maken
Water geven
Realiseer ’s ochtends op tijd drain. Na 3 beurten, en op z’n laatst rond 10.00 uur, willen we graag drain realiseren. De hoeveelheid water die na 14.30 uur wordt gegeven, is afhankelijk van de instraling. Bij de laatste beurt (evt. 20.00 uur) hoeft er nauwelijks nog drain te zijn. Bij ’s zomers weer geven we minimaal 3,5 keer de instraling (J) aan water met op de top van de instraling 4-4,5 keer. We mogen dan vanaf 11.00 uur de EC ook wat afbouwen. Start bij mooi weer vroeg in de morgen met 3-3,2 EC en druppel rond 11.00 uur met 2,8-2,9 EC. Eindig later weer met 3 EC.
Wanneer de EC stijgt, wordt er vaak te weinig water gegeven. Probeer ervoor te zorgen dat de Ph in de mat en van het drainwater lager is dan 6. Dit bevordert de opname van ijzer en mangaan.
Zorg verder dat er voldoende kalium wordt meegegeven; het gehalte in de mat moet 7 zijn. Zodoende blijft ook bij aanwezigheid van pepinomozaïekvirus een goede doorkleuring behouden.
Enza Zaden
Deze teelttip/teeltinfo is met de grootste zorgvuldigheid door Enza Zaden samengesteld uit ervaringen van de afgelopen jaren. De gegevens dienen echter in overeenstemming met de eigen kennis en ervaring van de gebruiker in samenhang met de locale omstandigheden gehanteerd te worden. Enza Zaden kan derhalve geen aansprakelijkheid aanvaarden met betrekking tot de inhoud.